Politiek Kwartier – Achterdeurbeleidsmakers

Deel dit:

COLUMN – Ondanks de stoere taal tegen coffeeshops verwacht Klokwerk dat legalisering van wietteelt snel geregeld kan worden.

Nee, Klokwerk is bepaald geen fan van het huidige kabinetsbeleid op justitie. Een beleid van kostbare symboolmaatregelen die  contraproductief werken bij criminaliteitsbestrijding.

Dit beleid heeft natuurlijk alles te maken met de angst van de VVD om kiezers te verliezen aan de PVV. Daarom kiest de partij voor harde maar inhoudsloze taal in plaats van liberale pragmatiek. Men trommelt als een gorilla op zijn borst… maar stuurt criminelen daarna met een enkelbandje naar huis. Ondertussen worden andere mensen zeker niet incidenteel hun fundamentele rechten onthouden.

De symbolische kers op deze slagroomtaart zijn de stoere taal en maatregelen aangaande het drugsbeleid. Maar alles wijst erop dat het in dat geval inmiddels gelukkig om achterhoedegevechten gaat.

Terwijl in ons land de notoire besluiteloosheid aangaande softdrugs blijft voortduren, verandert namelijk de wereld om ons heen. Bezit van marihuana wordt in Europa inmiddels getolereerd door onze drie buurlanden, Spanje en Zwitserland. Ondertussen worden niet alleen in exotische staten als Uruguay, maar zelfs in twee staten van de VS de kweek, handel en het bezit van marihuana al volledig gelegaliseerd… wat leidt tot een hardere roep om verdere legalisering.

Het argument dat legalisering niet mogelijk zou zijn vanwege druk uit het buitenland – een argument dat vaak gebruikt wordt tegen zaken waarmee we duidelijk voorop lopen, zoals euthanasie en het homohuwelijk – is daarmee van tafel. Als wij de eer de trend te zetten niet aandurven, dan haalt de wereld ons wel in.

Maar ook de binnenlandse verhoudingen zijn veranderd. Traditioneel blokkeerde het CDA de discussie rond liberalisering. Nu is dat de VVD, maar waar het CDA een ideologische grond heeft om legalisering te verwerpen, is er binnen de VVD juist veel draagvlak voor. Voormalig VVD-leider Frits Bolkestein stelde zich enige jaren geleden op het standpunt dat het beter zou zijn om alle drugs, inclusief harddrugs, te reguleren in plaats van te verbieden. De JOVD heeft al jaren datzelfde standpunt.

En dat is niet zo gek. Legalisering past bij het liberale uitgangspunt dat iedereen zelf verantwoordelijk is voor hoe hij zijn geest en lichaam verzorgt, zolang hij daar anderen niet tot schade mee is.

Belangrijker dan idealen is echter de pragmatiek. Legalisering leidt niet tot meer gebruik, wel tot kansen voor een betere beheersing van de gezondheidsrisico’s. Daarbij brengt legale wiet natuurlijk belastinggeld op.

De grote winst van legalisering zit hem echter in de criminaliteitsbestrijding. Het verbod op drugs is de belangrijkste levensader van de wereldwijde criminaliteit, en al zijn we zelf niet verwikkeld in een echte drugsoorlog, ook in ons land zouden na legalisering van wietteelt in ieder geval de illegale wietkwekerijen veel effectiever kunnen worden aangepakt, waarmee de georganiseerde criminaliteit een belangrijke bron van inkomsten kwijt zou zijn. En dat scheelt veel geld en narigheid.

Terwijl in Limburg achterhoedegevechten worden gevoerd om feitelijk failliet beleid, vroeg naar aanleiding van een motie van GroenLinks burgemeester Aboutaleb onlangs om toestemming voor de verkoop van legale gemeentewiet in Rotterdam. Ook andere gemeenten zoals Eindhoven, Utrecht, Leeuwarden en Tilburg willen daarmee gaan experimenteren. Opstelten zette na aanvankelijk tegenstribbelen de deur op een kier door te zeggen serieus naar dit verzoek te willen kijken.

Zo hoort het dan kennelijk te gaan. Stoere taal in het voorportaal, en ondertussen het achterdeurbeleid regelen via de achterdeur.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Poep op je vlees

Deel dit:

COLUMN – Volgens Klokwerk staat de verontwaardiging over het poepvlees in geen verhouding tot de echte gevaren van ons voedsel.

Alweer een vleesschandaal: er zit poep op ons vlees. Supermarkten en de politiek reageerden verbijsterd.

Een vriend van mij moet om dat soort hygiënekwesties altijd nogal lachen. Hij werkt als arts en microbioloog in Ho Chi Minh stad en doet onderzoek naar infectieziekten. De drang naar steriel vlees ziet hij als één grote illusie.

Daarbij is er het verschil tussen daar en hier. Als het in Vietnam de gewoonte zou zijn de keukens te sluiten waar de hygiëne niet volgens de westerse standaard is, bleef er voor hem buiten de deur maar weinig te eten over. En dat zou nogal zonde zijn. In de meest onooglijke hutjes kan je daar prachtige maaltijden krijgen. Met een beetje mazzel of opgebouwde weerstand word je er niet ziek van, en alles is vers. Vetarm, suikerarm, geen toevoegingen.

Nu pleit ik absoluut niet voor het overnemen van Vietnamese hygiëne-eisen. Ook zijn natuurlijke producten zeker niet altijd beter. Moeder Natuur heeft immers in haar producten met een sardonisch genoegen een grote hoeveelheid gif, virussen, schadelijke bacteriën en parasieten verwerkt. Daar willen we liever niet het slachtoffer van worden en daarom hebben we terecht allerlei eisen aan de hygiëne van onze voedselproductie. Prima dus.

Maar wat betreft de eisen aan ons voedsel zijn we doorgeslagen, en afgedwaald. En we hebben het te ingewikkeld gemaakt. Terwijl we officieel rond ieder spatje poep het vlees ruim wegsnijden, hebben we doordat we zo hechten aan lokale regels de gewoonte ontwikkeld ons vlees drie keer het continent door te karren alvorens het op te dienen. Daarnaast hebben we een wildgroei aan keurmerken ontwikkeld.

Dit is natuurlijk één grote uitnodiging tot gesjoemel, wat niet alleen met het poepvlees naar buiten komt, maar ook met het paardenvleesschandaal en het zojuist uitgekomen gerommel met de keurmerken.

Dit is echter niet wat ons ziek maakt. We eten gemiddeld ruim twee keer zoveel vlees als goed voor ons is. We ‘verrijken’ onze maaltijden met grote hoeveelheden geur-, smaak- en conserveringsmiddelen, en ons voedsel bevat concentraties aan suikers en vet waarvan de natuur nooit bedacht had dat we die tot ons zouden nemen.

De verhoudingen tussen de stoffen die we tot ons nemen is daardoor compleet uit balans. Dit leidt tot diabetes, obesitas en hart-  en vaatziekten.

Van een keertje voedselvergiftiging kan je een paar dagen goed ziek worden. Hart- en vaatziekten zijn echter verantwoordelijk voor een derde van al onze sterftegevallen. Vier op de tien mensen in ons land heeft overgewicht en één op de tien is veel te dik. Dit leidt tot ernstige gezondheidsklachten. En sinds 2000 is het aantal Nederlanders met diabetes verdubbeld naar één miljoen.

Toch worden partijen als GroenLinks en D66 in het parlement weggehoond als ze weer eens durven te komen met een vettaks. Om maar te zwijgen over hoeveel kans Marianne Thieme maakt met haar pleidooi voor de vleestaks. Een keurmerkje hier, een subsidietje daar, en wat regels die nauwelijks gecontroleerd blijken te worden – verder willen we niet gaan om ongezond duurder te maken en gezond goedkoper. We hechten nu eenmaal heel erg aan dat supergoedkope lapje vlees.

Prima. Maar ga dan niet raar staan kijken als het allemaal poepvlees blijkt te zijn.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Morrend Volk

Deel dit:

COLUMN – Een morrend volk duidt niet op een teveel aan democratie, maar op een gebrek daaraan.

Het was een moedige oproep van ‘acht intellectuelen’, om anti-EU populisme geen podium meer te bieden. Maar ook een domme oproep.

Een dergelijke oproep tot censuur is koren op de molen van mensen als Thierry Baudet en Bastiaan Rijpkema. En los van dat ze er niet vies van zijn feiten te negeren, verdraaien en op te blazen, hebben ze een punt: er klopt iets niet met de democratie in Europa. Het antwoord hierop is geen niets-aan-de-hand-column van acht zelfbenoemde intellectuelen.

Maar het kan nog bonter. De drie ex-bewindslieden Rick van der Ploeg, Aart Jan de Geus en Hans Hoogervorst verklaarden deze week onze nationale democratie failliet, en stelden daarop voor een flinke kiesdrempel in te stellen om van een hoop gezeur af te zijn.

In Europa zijn alle stukken openbaar, zeggen de eerstgenoemden, en mogen de nationale parlementen op iedere stap hun fiat geven.

Maar de inspraak en besluitvorming zijn in de EU uitermate slecht geregeld. Wat in Brussel wordt besproken onttrekt zich voor een groot deel aan de controle van het Europees Parlement, terwijl nationale parlementen slechts geconfronteerd worden met de uitkomsten van lang overleg. Europese leiders worden gekozen in een schimmig wandelgangenproces. Daar zou iedere democraat zich rot voor moeten schamen.

Slagvaardiger wordt het er ook niet op. De EU bleek tijdens de bankencrisis traag en besluiteloos. En Europa slaagt er niet in een vuist maken naar andere grootmachten.

In zo een situatie moet je niet gek staan te kijken van ontevreden kiezers.

Binnenlands moet een hogere kiesdrempel een probleem oplossen dat er niet is. Wie nuchter naar de cijfers van onze parlementaire democratie kijkt, ziet dat kabinetten de laatste tien jaar gemiddeld helemaal niet korter zitten dan de vijftig jaar daarvoor, en ook niet moeizamer gevormd worden. En om nou te zeggen dat we al zestig jaar niet functioneren…

Ook brengt een hoge kiesdrempel ons geen stap dichter bij die makkelijke coalitievorming. Het probleem is juist dat de kiezers verdeeld zijn over zes middelgrote partijen en daartussen flink op drift zijn. Onderling herverdelen van de zetels van de kleintjes gaat daarbij echt niet helpen. Fuseren naar twee grote partijen betekent een jarenlange politieke oorlog. En bovendien blijkt regeren in landen met minder partijen ook niet altijd even makkelijk.

Dit nog los van dat groepen in de samenleving monddood maken nou niet bepaald de methode is om meer draagvlak voor de politiek te kweken. En dat zou toch het eerste doel moeten zijn.

In onze vertegenwoordigende democratie stemt men op partijen, maar heeft iedere partij wel standpunten die een kiezer minder bevallen. Op wat de partijen na de verkiezingen met hun standpunten doen is vanuit de kiezer geen correctie mogelijk. Daarbij gebeurt het in coalitieland regelmatig dat er minderheidsstandpunten worden doorgevoerd. Elkaar iets gunnen, heet dat tegenwoordig.

Het op drift zijn van de kiezer lijkt mij in dat licht niet zo vreemd. In een verzuilde maatschappij met een relatief laaggeschoolde bevolking werkte dit allemaal nog wel. Maar in onze moderne geïndividualiseerde informatiemaatschappij wordt dit steeds minder gepikt.

Het volk mort. Naar de politiek hier en in Europa. Geen wonder. Want in Nederland en in de EU hebben we geen teveel aan democratie, maar juist een gebrek daaraan.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Romantisch geouwehoer over Prostitutie

Deel dit:

COLUMN – Deze week pleit Klokwerk ervoor om tijdens het debat over prostitutie de ogen wijd open te houden, en vooral niet te romantisch te worden.

Myrthe Hilkens gaat naar Zweden. Het PvdA-kamerlid voelt zich verantwoordelijk voor het lot van prostituees en wil graag weten of het Zweedse verbod op hoerenlopen ook iets is voor Nederland. Onze legalisering van prostitutie is naïef geweest, meent ze. Ze stelt dat 50 tot 80 procent van de Nederlandse hoeren niet vrijwillig werkt.

Die cijfers zijn helaas niet te onderbouwen. Betrouwbaar onderzoek is er niet, en professionele schattingen naar het aantal prostituees dat  onvrijwillig werkt lopen uiteen van acht tot negentig procent. Maar dat doet er niet toe. Ook als “slechts” acht procent van de veile deernen slachtoffer is van intimidatie of erger dan blijft dat een grof schandaal.

In Zweden pakt men het anders aan. Met de invoering van het verbod op hoerenlopen is een speciale hoerenloperspolitie ingezet. Dat is een soort caviapolitie, maar dan anders. Veel boetes worden er niet uitgedeeld, maar een positief effect is dat de veroordeling van de hoerenloper kan dienen als bewijsmateriaal tegen pooiers en mensenhandelaren.

Verdwijnen doet de prostitutie daarmee echter allerminst, en over de verdere effecten van dit beleid zijn ontstellend weinig cijfers bekend.

Dat heeft een reden. Wat illegaal is, valt maar moeilijk te onderzoeken.

Volgens Radio 1 zijn de belangrijkste meetbare effecten van het verbod op hoerenlopen in Zweden de verplaatsing van prostitutie van de straat naar het internet, en de verschuiving in de publieke beleving: voor de invoering van de wet was slechts dertig procent van de Zweedse bevolking voorstander daarvan, inmiddels is dat zeventig procent. Wat niet weet wat niet deert, kennelijk, want helaas zijn belangenverenigingen van de prostituees zelf minder enthousiast.

Ondertussen gaan in Nederland voorstanders van een verbod prat op hun morele superioriteit. In zijn column in de Volkskrant verwijt Bert Wagendorp voorstanders van legalisering een naïef beeld te hebben van het hoerenvak. Myrthe zelf spreekt zelfs van een “romantisch” beeld.

Onzin. Het geloof in een maatschappij zonder prostitutie, dat is pas romantisch en naïef. Het doel van legalisering is geen romantische samenleving te creëren, maar het beschermen van vrouwen. En daarvoor is het nodig om misstanden onder ogen te zien.

Die misstanden zijn in Nederland nu pijnlijk zichtbaar. De legalisering heeft met name heel veel ellende aan het licht gebracht. Niets om trots op te zijn.

Maar de juiste reactie daarop is niet snel de gordijnen weer dicht te trekken. De juiste reactie is hier eindelijk eens echt wat aan te gaan doen.

Hebben die vrouwen geen beschikking over een eigen paspoort? Laat de politie dat document dan bewaren voor prostituees. Durven de dames geen aangifte te doen van intimidatie en mishandeling, uit angst en bij gebrek aan bewijsmateriaal? Zorg dan voor een noodknop in de peeskamer, stel een wekelijks bezoek bij een vertrouwenspersoon verplicht, of ga desnoods over op cameratoezicht. Doe iets. Maak ook regels voor de pooier, zijn werkwijze, zijn “tarieven” en zijn administratie. En pak het illegale circuit met verdubbelde kracht aan.

Het gebeurt allemaal niet. We sturen de politie liever achter wietplantages en caviadierenbeulen aan dan dat we serieus werk maken van vrouwenhandel. Heel goed, Myrthe, dat jij je daar druk over maakt. Maar pak de problemen aan waar het mis gaat.

En laten we daarbij niet romantisch en naïef zijn, maar onze ogen wijd openhouden.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Leeftijdsdiscriminatie

Deel dit:

COLUMN – Waarin Klokwerk pleit voor het afschaffen van alle leeftijdsdiscriminatie.

Afgelopen zondag in Buitenhof: Henk Krol tegen het plafond. Twee onderzoekers stelden namelijk voor de ouderenkorting voor het OV en culturele instellingen af te schaffen. Dat geld zou beter kunnen worden besteed aan het toegankelijker maken van deze instellingen voor minder mobiele mensen en een korting voor mensen die het minder breed hebben.

Een plan waar geen enkel zinnig argument tegenin te brengen is. Daarom kwam Henk met een aantal onzinnige argumenten.

Zoals: Ouderen hebben deze samenleving opgebouwd en verdienen daarvoor een dankjewel.

Onzin. Er zijn ook ouderen die helemaal niets opgebouwd hebben. En zij die wél iets opbouwden, vulden daarmee gewoon hun eigen zakken. Prima, maar daarmee zijn ze de generaties na hen net zo goed wat schuldig als dat ze een dankjewel verdienen. Want voor onze moderne westerse welvaart ligt nog een onbetaalde rekening in de vorm van een creperend leefmilieu, een grote afhankelijkheid van oprakende brandstoffen, een zieltogende derde wereld en vet uit de pan swingende zorgkosten.

Of: Ouderen zijn gemiddeld minder mobiel en vaker eenzaam en verdienen daarom meer ondersteuning.

Dat klinkt sociaal, maar het is ronduit discriminerend. Je hoeft helemaal niet oud te zijn om minder mobiel of eenzaam te zijn, en zeker niet alle ouderen zijn invalide.

Tijdens het gesprek verweet ome Henk zijn tegenstander verder een gebrek aan fatsoen. Ondertussen maakte hij zinloze opmerkingen over hoeveel woorden zij gebruikte – als een puber die net had leren debatteren. De goede luisteraar werd ondertussen duidelijk waar deze afleidingsmanoeuvres voor waren: de doelstellingen die de onderzoekster stelde, waren simpelweg niet die van Henk.

Het beter toegankelijk maken van voorzieningen voor minder validen is geen doel van Henk. Anders was hij wel juichend akkoord gegaan met het afschaffen van de kortingen ten gunste van aanpassingen in gebouwen en het openbaar vervoer.

Het helpen van mensen die het niet breed hebben is ook geen doel van Henk. Anders was hij wel enthousiaster geweest voor inkomensafhankelijke kortingen in plaats van ouderenkortingen.

Ook het beter laten draaien van collectieve instellingen is niet Henk z’n doel. Anders had hij wel wat gezien in invoering van dalurenkortingen voor alle leeftijdsgroepen.

Henk z’n doel is slechts kiezers te winnen door ze aan te spreken op eigenbelang. Daarmee voldoet hij precies aan het karikatuur van zijn generatie als een stel termieten, dat zich na het kaalvreten van de planeet enkel nog druk maakt om de geraniumkortingen.

Het meest idiote argument van Henk was dat dit soort plannen in tijden van bezuinigingen onverantwoordelijk zouden zijn.

Juist nu is het tijd voor dit soort plannen. Want zieken en armen horen ondersteuning te krijgen, en dat staat op de tocht. Er is echter meer dan voldoende geld voor, als we het maar op een verstandige wijze zouden verdelen.

Leeftijd is daarbij geen verstandig criterium. Het afschaffen van ouderenkortingen is wat mij betreft stap één op weg naar het afschaffen van alle leeftijdsdiscriminatie. Want dezelfde argumenten tegen ouderenkortingen gelden ook voor de AOW.

Waarom mensen uitrangeren op hun 65e? Waarom niet in plaats daarvan écht goede voorzieningen voor wie het nodig of verdiend hebben? En waarom het pensioen niet op laten gaan in een levensloopregeling?

Vragen die ertoe doen in een vergrijzende samenleving. Een verantwoordelijk politicus in crisistijd gaat die discussie aan in plaats van Sinterklaas te spelen.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Weg met de vaste pensioenleeftijd

Deel dit:

COLUMN – Waarin Klokwerk stelt dat het beter zou zijn om de vaste pensioenleeftijd helemaal af te schaffen.

Met het pensioenakkoord heeft het kabinet een makkelijke manier van bezuinigen gevonden. Het percentage dat u belastingvrij voor uw pensioen mag wegzetten gaat omlaag. Dit betekent drie miljard meer aan belastingopbrengsten.

Politiek gezien is het een vrij slimme bezuiniging, want op korte termijn heeft niemand er last van. En de meeste mensen kijken nu eenmaal niet zo ver vooruit.

Maar het is ook een gemiste kans. Het pensioenakkoord is een beetje schuiven met leeftijden en bedragen en procentjes, terwijl de inhoudelijke discussie over de logica en rechtvaardigheid van het pensioenstelsel angstvallig wordt vermeden.

Het pensioen en de AOW zijn ooit ingesteld omdat de meeste mensen na hun 65e niet veel meer konden. Wanneer iemand fysiek zwaar werk verricht, is de kans groot dat hij dat op hoge leeftijd niet volhoudt.

Sinds de invoering van AOW en pensioenen is werk over het algemeen echter fysiek minder zwaar geworden. Ook de gemiddelde werkweek is in lengte afgenomen. Mede daardoor is de levensverwachting met tien jaar toegenomen.

Mooi, maar daarmee kloppen de uitgangspunten van het pensioenstelsel niet meer. Het wordt veel duurder. En dat terwijl de meeste mensen op hun 65e eigenlijk nog prima in staat zouden zijn hun werk nog even door te zetten.

De meeste mensen; niet allemaal. Leeftijdsdiscriminatie is dan wel ingeburgerd, uiteindelijk is leeftijd helemaal geen goed criterium om het vermogen te werken te meten.

Waarom stellen we in plaats van een beetje te gaan schuiven met bedragen en leeftijdsgrenzen niet eerst de fundamentele vraag of het eigenlijk wel wenselijk is om verlof te blijven koppelen aan leeftijd? Mij lijkt dat helemaal niet logisch.

Mij lijkt het logischer als er één algemene regeling zou komen voor verlof. Verlof dat vrij opgenomen kan worden wanneer dat nodig is: voor het opvoeden van kleine kinderen, voor het oprichten van een bedrijf, bij verlies van werk… of om het rustiger aan te kunnen doen bij ouderdom.

Deze verlofregeling zou dan niet aan leeftijd gebonden zijn, maar aan spaarvermogen. De spaarpot daarvoor wordt gevuld met de huidige premies voor de pensioenen, de WW, en de levensloopregeling.

Daarnaast zou er dan één algemene verzekering moeten komen voor loondoorbetaling bij arbeidsongeschiktheid – of dat nu door ziekte komt of ouderdom. Deze wordt betaald met de huidige premies voor de AOW en de WIA.

Hiermee verdwijnt dan de vaste pensioenleeftijd. In regel blijft iedereen werken tot hij daar door ziekte, ouderdom of de dood niet meer toe in staat is. Wie ervoor kiest om het tussendoor wat rustiger aan te doen, werkt langer door. Wie non-stop blijft werken kan uiteindelijk alsnog met lang verlof.

Een goed idee? Ik weet het niet. Maar dit soort discussies worden in Den Haag helaas vermeden. Sterker nog, zelfs het voor de hand liggende idee van drie politieke jongerenorganisaties om meer vrijheid en solidariteit in het stelsel te brengen door mensen keuzevrijheid te geven voor pensioenfondsen en ook ZZP’ers toe te laten tot het stelsel werd uiteindelijk genegeerd.

Ook het dwarsliggen van het CDA voor het pensioenakkoord zal niet lang duren. Natuurlijk wil die partij haar positie graag uitbuiten, maar ook het CDA heeft er geen politiek belang bij het kabinet te dwingen de lastenverzwaring elders te zoeken… of problemen van de toekomst te benoemen.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Een Neoliberale Planeconomie

Deel dit:

COLUMN – Vandaag verwondert Klokwerk zich erover hoe liberaal beleid kan leiden tot communistische praktijken.

Wie bijstand ontvangt, mag daar best wat voor terugdoen. Kinderopvang is goed, zodat mensen economisch zelfstandig kunnen worden.

Twee politieke dogma’s die tot rare praktijken leiden. Want wie de regelingen voor kinderopvang en de bijstand naast elkaar legt en een beetje gaat rekenen komt op rare uitkomsten.

Stel, een alleenstaande moeder met één kind maakt gebruik van de kinderopvang. Het is crisis, zij verliest haar baan en belandt in de bijstand. Thuis beslist zij dat zij het makkelijkst kan bezuinigen op de opvang.

Dit kost weer werkgelegenheid. Laten we zeggen dat dit ook bij de kinderopvang een baan scheelt. Gezien een maand kinderopvang al snel een netto modaal inkomen kost is dat goed mogelijk.

Een mogelijke oplossing voor dit economisch probleem is het volgende: de moeder gaat werken bij de kinderopvang. Dan betaalt ze dus eigenlijk haar eigen baan

Dit lijkt een beetje vreemd, maar het is mogelijk, want werkende mensen kunnen kinderopvangtoeslag krijgen, en die kan bij één kind al oplopen tot ruim 1300 euro netto per maand.

Het vervelende van deze banenmachine is echter dat onze dame dan 400 euro meer gemeenschapsgeld kost dan de totale bijstand waar ze als alleenstaande ouder recht op zou hebben.

Dit geldt voor iemand met een minimuminkomen. Maar als iemand anderhalf keer modaal verdient, is de maximale vergoeding voor kinderopvang nog steeds gelijk aan de bijstand voor een alleenstaande ouder. Anderhalf keer modaal: maar 15 procent van de huishoudens komt over die grens heen. En de toeslag wordt zelfs nog hoger als er sprake is van meer dan één kind.

Conclusie: ouders in een uitkering vormen veruit de goedkoopste gesubsidieerde kinderopvang.

Het probleem is echter dat de gemeenten de bijstandgerechtigden maar niet met rust kunnen laten. Bijstandgerechtigden, ook met kinderen, maken tegenwoordig een grote kans in een of ander work-first project terecht te komen (lees: dagelijks in een VVD-busje naar het Westland getransporteerd te worden om aardbeien te plukken en doosjes te vouwen). Niet dat dit in praktijk iemand dichter bij de arbeidsmarkt blijkt te brengen, maar het levert de gemeente weer wat geld op.

Het klinkt logisch dat je wat terug moet doen voor je uitkering. Maar in praktijk komt het erop neer dat ook commerciële bedrijven extra goedkope werkkrachten krijgen op kosten van de belastingbetaler.

Een groot probleem van deze heerlijke VVD-projecten is dat dit een inmiddels aangetoond verlies aan werkgelegenheid met zich meebrengt. Meer uitkeringen in totaal dus. Het lijkt winst, maar op termijn heeft de schatkist eronder te lijden.

Zeker wanneer die door de belastingbetaler gefinancierde werkkrachten door dat werk nog recht krijgen op een toeslag voor kinderopvang ook.

Rare praktijken. Mij lijkt het eerlijker en goedkoper om iedereen die werkt daar gewoon voor te betalen, inclusief de zorg voor kinderen. Of dat laatstgenoemde werk dan zelf gedaan wordt of wordt uitbesteed mag iedereen zelf bepalen.

Een staatsuitkering voor mensen die voor kinderen zorgen. Ik hoor de liberalen mij al uithonen. Ondertussen koersen we onder VVD-vlag echter aan op een maatschappij waarin iedereen via work-first trajecten aan de slag gaat voor een staatssalaris op bijstandsniveau, en de kinderen opgroeien in collectieve door de staat gesubsidieerde zorgcentra. Keuzevrijheid nul en het kost vaak meer dan het oplevert.

Toch vreemd hoe dat werkt met die neoliberalen. Ze pleiten voor eigen verantwoordelijkheid en loon naar werk, maar realiseren ondertussen het communistische ideaal.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Gratis Vrijwilligers

Deel dit:

COLUMN – Deze week ergert Klokwerk zich aan de neiging zoveel mogelijk af te willen schuiven op vrijwilligers.

Dit weekend hield Buma op het CDA-congres een betoog over hoe volgens hem de verzorgingsstaat is doorgeschoten. Doordat zorgtaken geïnstitutionaliseerd zijn, raken mensen volgens hem vervreemd van de zorg. Buma pleit daarop voor een grotere rol voor het gezin in de opvang van elkaar.

Zoiets valt te verwachten van het CDA. Maar de partij krijgt steun uit onverwachte hoek. Ook de “moderne” feminist Simone van Saarloos pleit voor een terugkeer naar het frame van de kostwinnaar en de huissloof die de zorgtaken gratis op zich neemt. Alleen wil zij graag dat mannen zich daar dan meer voor gaan lenen.

Feministisch is dat misschien wel, maar met emancipatie heeft het weinig te maken. Sowieso hoeven mensen die voor zorgtaken kiezen van huidige zelfbenoemde feministen klaarblijkelijk toch al niet zoveel te verwachten.

Buma gaat verder met een emotioneel betoog waarin hij vrijwilligerswerkers de hemel in prijst. Dat komt vaker voor in de politiek, en elke keer denk ik: wat irriteert mij toch zo?

Het idee alles af te schuiven op vrijwilligers vindt steeds meer aanhang. Het kabinet vindt bijvoorbeeld dat in het kader van een kleine overheid de thuiszorg maar beter kan worden afgeschaft om opgepakt te worden door vrijwilligers.

En niet alleen in de zorg heerst de illusie dat er veel geld te besparen is door taken af te schuiven. Ook in de culturele sector en de journalistiek is een beweging aan de gang van betaald naar vrijwilligerswerk.

Dagelijks halen mensen hun films en muziek gratis van het internet, en kunstsubsidie is tegenwoordig vloeken in de kerk. Hoe muzikanten en schrijvers en filmmakers nog aan hun geld moeten komen zoeken ze zelf maar uit. De ene krant na de andere valt om terwijl er zwaar bezuinigd wordt op de publieke omroep, omdat het dagelijkse nieuws meer en meer via de sociale media bij elkaar wordt gesnaaid door mensen die daar niet voor betalen, ondersteund door vrijwilligersblogs zoals dit stelletje sukkels hier dat gratis en voor niets uw dagelijkse portie nieuwsduiding bij elkaar schrijft.

Prima, maar het kost wel werkgelegenheid.

En tenslotte is het mode steeds meer werkzaamheden uit te laten voeren door mensen met behoud van uitkering. Officieel mag dit niet leiden tot een verlies aan betaalde banen, maar onderzoeken van de FNV wijzen uit dat dit precies is wat er gebeurt. De grap is overigens dat dit in praktijk juist leidt tot het tegendeel van een kleine overheid.

Het klinkt allemaal zo leuk en aardig: mensen die puur uit liefde en passie steeds meer voor elkaar gaan doen en daarmee gratis en voor niets belangrijke zaken in de samenleving verzorgen. Maar als dit leidt tot werkloosheid en toenemende afhankelijkheid van mensen gaat er toch iets fundamenteel mis.

Vrijwilligers werken vrijwillig. En niet op afroep omdat de samenleving er een bezuinigingspost in ziet. Als we dat anders willen zien is het misschien eerst eens tijd dat de politiek meer voor vrijwilligers over gaat hebben dan alleen maar mooie woorden en dwang.

Want uiteindelijk kan niemand leven van de wind. Voor niets gaat immers alleen de zon op.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Rutte op een roze olifant

Deel dit:

COLUMN – Waarin Klokwerk Rutte’s participatiesamenleving bij de slurf neemt en stelt dat het dier niet kan overleven zonder verzorgingsstaat.

Ruim twee weken geleden vergeleek Rutte een visie nog met een olifant die het uitzicht belemmert. Ten onrechte stelde hij daarmee een visie gelijk aan dogmatisch idealisme.

Zeker valt het kabinet gebrek aan visie te verwijten. Maar die olifant, die staat er wel degelijk. In de troonrede werd hij meerdere keren bij naam genoemd. Rutte’s olifant heet “participatiesamenleving”.

Het woord gonsde daarna rond op twitter en politieke zwaargewichten als Femke Halsema en Wouter Bos namen meteen afstand van de term, die ze ook al van Balkenende kenden. Maar is dat zo terecht?

Met de term “participatiesamenleving” verwijst Rutte naar het beeld van een samenleving van leuke blije burgers die hun schouders eronder zetten en opkomen voor elkaar, en als het kan te trots zijn om afhankelijk te zijn van collectieve voorzieningen.

Op zich is dat een prachtig ideaal, waar ook ondergetekende in gelooft. Maar laten we met dit prachtige idealisme wel realistisch blijven. Mensen zijn gelijkwaardig, maar niet gelijk. Er is in het leven een fundamentele ongelijkheid.

Lichamelijk ongemak, daar heeft niemand om gevraagd. Ook het hebben van een geestelijke beperking is niet iets waar mensen zelf voor kiezen. Noch kiezen ze voor het hebben van buren of familieleden met beperkingen. Toch zetten al deze zaken mensen op achterstand ten opzichte van hen die hier niet mee te maken hebben. En meestal buiten hun eigen schuld.

Om dit wat te compenseren zijn er collectieve voorzieningen. Zij ontlasten de mensen die tegenslagen hebben, en creëren zo meer gelijke kansen voor mensen om hun talenten te ontplooien. Daarom zijn ze hard nodig voor het constitueren van het liberale ideaal, waarin het beste beloond wordt en het slechtste afgestraft.

Volgens de troonrede is een participatiesamenleving een samenleving die past bij mondige burgers. Daarbij zou ik dan denken aan een samenleving met veel inspraak en vrijheid in de manier waarop die collectieve zaken worden vormgegeven en ingezet.

Dat is iets heel anders dan een samenleving waarin mensen door de overheid in de steek gelaten worden.

De troonrede spreekt bovendien van de participatiesamenleving als samenleving van zelfstandige burgers. Daarvoor lijkt het mij een vereiste dat mensen die voor anderen zorgen daar ook eerlijk voor worden beloond.

Dat is iets heel anders dan dat ze gezien worden als bezuinigingspost en als stank voor dank nog meer shit op hun nek geschoven krijgen.

Het liberalisme is waardevol, maar kent een aantal schadelijke dogma’s. Eén ervan is het idee dat de verzorgingsstaat mensen lui zou maken en particulier initiatief wegdrukt. Deze aanname wordt door geen enkel onderzoek ondersteund. Het geloof dat mensen vanzelf wel in het gat zullen springen dat een overheid creëert is een gevaarlijke illusie.

En waar dat wel zo is, worden juist deze waardevolle mensen onterecht op achterstand gezet. Zo werkt de vrije markt.

Een participatiesamenleving kan niet zonder een goede verzorgingsstaat. Door het dogmatische idealisme van Rutte komt de participatiesamenleving eerder verder weg te liggen dan dat deze dichterbij komt.

Het vervelende hiervan is dat Rutte dat zelf niet lijkt te beseffen. Ook dat is blind idealisme. Rutte ziet zijn eigen roze olifant niet, omdat hij er bovenop zit. En in 2014 gaat hij er weer vrolijk mee door de porseleinkast. Dat u het even weet.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Smalende Godslastering

Deel dit:

COLUMN – Net als je even inkakt, prikken onze Vaste Gasten je elke werkdag om 15.30 uur weer wakker. Vandaag: Klokwerk, die blij is dat godslastering eindelijk legaal wordt en nog een stap verder wil gaan.

Verdomd. De kogel lijkt nu eindelijk door de kerk te gaan. Er is een kamermeerderheid voor het schrappen van het verbod op “smalende godslastering”.

Natuurlijk was die meerderheid er al lang. Maar tot voor kort had de VVD de christenen nog even nodig bij het vingerlikken. Nu lijkt het er echter toch van te komen dat dit belachelijke verbod uit de wetboeken gaat verdwijnen. Met dank aan D66 en de SP. Ere wie ere toekomt.

Niet dat dit verder enige praktische consequentie heeft. Sinds het beroemde ezelsproces was al duidelijk dat we het in praktijk toch al niet meer zo nauw nemen met godslastering. Het wetsartikel was waarschijnlijk ook al lang vergeten, ware het niet dat Donner in 2004 op het “briljante” idee kwam dit produkt van zijn eigen opa weer af te stoffen. Nota bene naar aanleiding van de moord op Van Gogh. Alleen “God” weet wat Donner in zijn hoofd had toen hij het voorstelde. Waarschijnlijk dezelfde erwtensoep als waarmee hij laatst adviseerde vooral geen openheid van boeken te geven in overheidszaken: men hoeft immers niet te weten hoe wetten gemaakt worden. Volgens de Don dan. Hou hem in de gaten.

Maar dit terzijde. 2004 dus: het wetsartikel kwam weer in de picture, en dus het schrappen ervan ter sprake.

Desondanks bleek dat nog acht jaar in beslag te nemen.

Zorgelijk, want er is aangaande de rare positie van religie in dit land nog wel wat meer te doen.

Van mij mogen christenen en moslims net zo vrij zijn als anderen. Geloof wat je wilt. Leven en laten leven. Wil je een halalwoning? Jij je halalwoning. Hoor je mij niet over. En als jij het leuk vindt om je te verstoppen in een hobbezak met een spleetje om door te kijken, dan vind ik dat je die vrijheid moet hebben. Zo liberaal ben ik. Zolang je vrouw, je dochter en je homofiele zoon dezelfde keuzes hebben als jij mag je van mij doen wat je wilt.

Maar stop met het claimen van een bijzondere positie voor religie. Wat dat betreft hebben we helaas nog een lange weg te gaan. Want als een imam zegt dat homoseksualiteit een besmettelijke ziekte is, wordt hij vrijgesproken met een beroep op de vrijheid van godsdienst.

Hiermee hebben gelovigen meer rechten dan niet-gelovigen. En waarom? Er is geen reden. De vrijheid van godsdienst is niet nodig, want al lang geborgd door algemene rechten, zoals de vrijheid van meningsuiting en het recht om niet gediscrimineerd te worden wegens je levensovertuiging. Bovendien kan iedereen zich tegen al te fanatieke vrijemeningsuitingsfundamentalisten verdedigen met wetten tegen laster, smaad, bedreiging, aanzetten tot geweld en haat en zelfs belediging.

Christenen en moslims dienen eens te accepteren dat dit genoeg is. Aparte artikelen voor gelovigen zijn onwenselijk. Eigenlijk zijn ze zelfs in het nadeel van gelovigen, omdat het terecht leidt tot onbegrip.

In dat kader is het verontrustend dat zelfs het symbolisch verwijderen van een dode letter uit de wetboeken nog zo lang blijkt te duren. Het zou daarom mooi zijn als D66 en de SP na dit puur symbolische akkefietje eens haast maakten met het echte werk, door voor te stellen religie uit de grondwet te schrappen. In de twee artikelen waar het om gaat, staat “levensovertuiging” immers al duidelijk vernoemd.

Dit zal wel weer leiden tot grote verontwaardiging, maar misschien dat het over tien jaar dan eindelijk eens wat wordt met de gelijke behandeling in onze wetboeken.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Kleine Scholen

Deel dit:

COLUMN – Net als je even inkakt, prikken onze Vaste Gasten je elke werkdag om 15.30 uur weer wakker. Vandaag: Klokwerk die het naar aanleiding van de puinhoop bij Amarantis zowaar eens is met de SP.

In de jaren ’90 moesten de scholen steeds groter en zelfstandiger worden.

Grotere organisaties kunnen immers grote dingen gezamenlijk inkopen, en dat is goedkoper. Een bestuur kan bovendien efficiënter zijn als het gecentraliseerd is. En als scholen marktpartijen worden, beseffen ze vanzelf hoe afhankelijk ze zijn van de consument… en hoe gevaarlijk de concurrent is. Dan gaan ze dus vanzelf een goed product leveren tegen een lage prijs. Zo werkt immers de vrije markt!

Deze naïeve theorie is inmiddels al door talloze praktijkvoorbeelden keihard gelogenstraft. Het jongste voorbeeld heet Amarantis.

Amarantis is ontstaan als scholengemeenschap na verschillende fusies. Het gaat hier om een scholengemeenschap van 30.000 leerlingen. Amarantis adverteert op haar site met kleinschalige christelijke scholen… onder een grote paraplu. Leuk hoor. Maar het bestuur van Amarantis had in zo’n grote gemeenschap natuurlijk geen idee van wat er in de klassen gebeurde. En andersom klaarblijkelijk ook niet.

Begin dit jaar barstte de bom. Amarantis stond aan de rand van een faillissement. De onderzoekscommissie die daarop werd ingesteld kwam deze week met een rapport met scherpe conclusies. Het College van Bestuur voerde een financieel wanbeleid. In de organisatie heerste een angstcultuur, waardoor misstanden niet boven water kwamen. En er was sprake van zelfverrijking, belangenverstrengeling en vriendjespolitiek.

Voormalig topman Bert Molenkamp vindt het uitgelekte conceptrapport vooral vervelend voor zijn eigen goede naam. Hij overweegt dan ook juridische stappen tegen de commissie die het onderzoek naar Amarantis uitvoerde. We wensen hem veel succes. De politiek en het journaille zoeken maar wat graag naar een zondebok.

Maar wat we Bert in ieder geval kunnen nageven is dat hij niet de enige is die gefaald heeft. Ook de Raad van Toezicht, de onderwijsinspectie, het ministerie en de accountant hebben volgens het rapport gefaald.

Allemaal slechte mensen dus, zoals Elsevier meldt?

Onzin. De gelegenheid maakt de dief. Als de zaken op zo’n schaal uit de hand kunnen lopen, dan is er iets mis met je organisatiemodel en het toezicht.

Ik ben het niet altijd eens met de SP, maar misschien moeten we als het gaat om scholen nu eindelijk eens naar ze gaan luisteren. Al minstens een decennium lang roept de partij om kleinschaligheid in het onderwijs. ‘Scholen zouden niet meer leerlingen moeten hebben dan de conciërge nog zou kunnen herkennen,’ schrijft de SP op haar site. Een mooi ideaal.

En misschien nog niet eens zo stom bedacht. In grote organisaties is de overhead vaak helemaal niet efficiënter geregeld, want juist in grote organisaties kunnen falende afdelingen wegduiken. In een grote organisatie heeft de interne HR afdeling bijvoorbeeld helemaal geen last van die zogenaamd stimulerende concurrentiedruk. Er is immers binnen dat bedrijf maar één HR afdeling. De concurrentie is nul.

Juist om de voordelen van marktwerking te hebben dienen de scholen dus klein te blijven. Niet dat het dan niet uit de hand kan lopen… maar dan blijft dat tenminste kleinschalig, en zijn de scholen niet ‘too big to fail.’

Daarbij blijft er het gevaar van de vrije markt dat concurrerende partijen niet alleen slag gaan voeren op kwaliteit en prijs. Even oud zijn pogingen klanten binnen te halen door middel van image building en puur bedrog. Daarom is het ook belangrijk dat scholen en hun begrotingen goed worden gecontroleerd op heldere maatstaven. En dat de resultaten van die metingen ook openbaar te zijn.

Zelfstandigheid is mooi, want het prikkelt de creativiteit. Maar er is controle nodig om te bezien dat die creativiteit niet op een criminele manier wordt aangewend. Want consumenten missen zonder hulpmiddelen gewoon de informatie en het overzicht.

Dat we dat in de jaren ’90 nou niet even bedacht hadden.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Zoek je Problemen?

Deel dit:

COLUMN – Het wordt tijd dat politici zich niet met incidenten, maar met echte problemen gaan bezig houden.

Hebben we een Marokkanenprobleem? Welnee. Onze Geert heeft lang moeten wachten tot er eindelijk eens een Mocro betrokken was bij voetbalgeweld. Logisch dat hij er dan ook meteen bovenop zit. Maar serieus te nemen is het niet.

Hebben we dan een voetbalprobleem? Een jeugdprobleem? Een autoriteitsprobleem of een mentaliteitsprobleem?

Welnee. Laat je door media en politici niets aanpraten: We hebben eigenlijk helemaal geen probleem.

Die overleden grensrechter, dat is geen probleem, dat is een tragedie. Heel goed dat we daar met zijn allen bij stil staan. En zeker is het goed te bezinnen op de verruwing van de samenleving.

Maar geweld is helaas van alle tijden en een incident is een incident. Als er nu maandelijks een scheidsrechter in het ziekenhuis zou belanden, dán hadden we een probleem. En we hadden een probleem als niemand zich daar druk om zou maken. Maar dat is beide niet het geval.

Dat opgroeiende jongens losse handjes hebben en rare dingen roepen als er een camera op ze wordt gericht, dat is ook al niet nieuw. Klagen over de jeugd doen we al sinds Plato. Dus óf de mensheid wordt al twee en een half duizend jaar lang steeds kwaadaardiger, óf dat opgefokte gaat er mettertijd vanzelf weer af. U mag het zeggen.

De politiek en de media blijven echter dol op incidenten. Minister Opstelten wil de straffen voor geweld tegen scheidsrechters verdrievoudigen. Dan vraag ik mij af: Zou die kerel nu echt denken dat dit gaat werken? Ik zie het al voor me. ‘Niet te hard slaan hoor, op doodslag staat tegenwoordig negen jaar!’ – ‘Wat??? Negen jaar??? Ik dacht maar drie!’

Laat de man zich in plaats van met incidentenpolitiek bezig houden met dingen die politiek ook echt te beïnvloeden zijn. Drugscriminaliteit bijvoorbeeld. Eén derde van alle gevangenen zit vast wegens een drugsdelict. Kijk, dát is een probleem. Terwijl in Nederland het debat doorsukkelt hebben in de VS twee staten inmiddels de juiste conclusies getrokken.

Nee, ze nemen niet ons gedoogbeleid over. Iedereen ziet namelijk dat dit zo failliet is als een Griekse variant van Dirk Scheringa. Ons gedoogbeleid maakt criminelen schatrijk. Mooie verworvenheid!

De War On Drugs echter heeft precies hetzelfde effect. Wat te doen dus? Precies. Legaliseren die hap. Daarmee neem je criminelen de wind uit de zeilen, telers betalen hun energierekening weer en je krijgt er als bonus een vette inkomstenbron uit accijns bij. Tel uit je winst.

Dit hadden we hier natuurlijk ook kunnen bedenken. Helaas is de VVD kennelijk dol op drugscriminelen, want de nepliberalen blijven elk zinnig drugsbeleid dwarsbomen. Het krankzinnige idee van de wietpas mag dan van de baan zijn, het beleid blijft zo inconsequent als de pest. Het laatste voorbeeld: Buitenlanders mogen niet meer blowen, maar in Amsterdam mag het wel. Waarom? Nou, omdat blowen op het schoolplein daar wel verboden wordt.

Eh ja… Probeert u dit maar eens over de grens uit te leggen. Mij lukt dat inmiddels niet meer. Met de beste bedoelingen niet.

Maar één ding snap ik wel. Als een volgende keer een camera een schoolplein opdraait waar de pubers zich níet opgefokt gedragen, dan gaat het waarschijnlijk niet om een opname uit Amsterdam. Iedereen kent immers het spreekwoord over de tevreden roker.

Misschien moet er op het voetbalveld gewoon wat meer geblowd worden.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Bij de Beesten Af

Deel dit:

COLUMN – In het Politiek Kwartier van vandaag verwondert Klokwerk zich over onze dubbele moraal ten opzichte van dieren.

Afgelopen dinsdag is definitief besloten om vanaf 2024 het fokken van nertsen te verbieden. Bont is een luxeproduct immers, en de nerts is een wild dier, dus niet geschikt om in een kooi gehouden te worden. Zo luidt de redenering.

Vlees is kennelijk geen luxeproduct. Ook al eet u daarvan veel meer dan goed voor u is. En al die reeën en hazen en zwijnen die voor de kerst in gevangenschap gefokt zijn en de komende dagen geslacht worden, dat zijn kennelijk geen wilde dieren.

Terwijl twee zeehondencrèches bekvechten over een suïcidale walvis pinkt niemand een traan weg voor de vijf miljoen Nederlandse kippen, koeien en varkens die van kant zijn gemaakt in de vijf dagen dat onze nationale knuffelbultrug op een zandplaat lag dood te gaan. We maakten ons afgelopen jaar druk om een circus dat een olifant houdt. Het dier zou niet goed verzorgd worden en bovendien eenzaam zijn. Ondertussen liggen in Nederland honderdduizenden konijnen eenzaam in een veel te klein hok. Dat kan allemaal. Maar als we die konijnen dan weer net zo gaan behandelen als onze kippen sturen we elkaar de caviapolitie op het dak.

Consumptiedieren zien hun hele leven geen buitenlucht en kunnen hun kont niet keren. Maar als ze uiteindelijk afgemaakt worden, dan moet dat weer met verdoving. We zijn immers geen barbaren. Gewoon doodmaken, dat is zielig, barbaars. Dat doen alleen joden en moslims. Wij niet.

Ondertussen zou ik toch veel liever een waterbuffel zijn, die zijn hele leven vrij door de savanne draaft en daarna onverdoofd geslacht wordt door een barbaar met een speer, dan dat ik een koe ben die zijn hele leven op een rooster doorbrengt om vervolgens verdoofd geslacht te worden. Zelfs ben ik veel liever een Spaanse stier die na aan prinsenleven sterft in de arena dan die koe uit onze bio-industrie. En ik denk dat u hetzelfde zou kiezen.

Nederland bleef deze week collectief aan een doodzieke bultrug sleuren. De Partij van de Dieren stelde vragen over Johannes. De minister reageerde met een protocol voor hoe-om-te-gaan-met-gestrande-walvissen. Ondertussen sterven per jaar 100.000 vogels, walvissen, dolfijnen, zeeleeuwen, zeehonden en schildpadden aan de plastic zakjes die we in zee gooien. Je hoort er bijna niemand over. Men maakt zich er simpelweg niet druk om.

Zinloze pietluttigheid en beestachtig gedrag strijden om voorrang als het gaat om dieren in Nederland. De gulden middenweg kennen we niet. Zelfs van de penicillineresistente bacteriën die ontstaan door de idiote manier waarop we dieren fokken ligt nog niemand wakker.

Na ons de zondvloed. Letterlijk. We doen gewoon net als Johannes. We doen alsof we die Razende Bol niet zien, en we zwemmen er vrolijk tegenop. Bij de beesten af. Maar wel met krokodillentranen in onze ogen.


Deel dit:

Politiek Kwartier – Een globaal nivelleringsfeestje

Deel dit:

COLUMN – In het Politiek Kwartier van vandaag verwondert Klokwerk zich over onze moraal als het gaat om ontwikkelingshulp.

Vorige week haalde Serious Request ruim 12 miljoen euro op. Dat is mooi. Helaas besloot het nieuwe kabinet dit jaar echter de ontwikkelingshulp met meer dan het achtvoudige van dit bedrag te korten. We hebben het geld hier namelijk zelf hard nodig. Daarbij komt dat geld toch altijd bij de verkeerde mensen terecht. En bovendien heeft het allemaal geen effect. Bewijs: Afrika is nog steeds arm.

Allemaal idiote excuses natuurlijk. En makkelijk te weerleggen bovendien. We hebben het geld zeker niet meer nodig dan een derde wereldland. 0,7% Van wat we verdienen is echt niet zoveel gevraagd. En dat het geld verkeerd besteed zou worden zou hooguit een argument zijn het beter te beleggen, niet te stoppen. En dat we er nog niet in geslaagd zijn om van Afrika een heilstaat te maken betekent uiteraard niet dat het waardeloos was één mens in te enten tegen een ziekte of van een opleiding te voorzien.

Maar zijn deze Wildersiaanse drogredeneringen echt de reden dat ontwikkelingshulp niet zo populair meer is? Of zit er meer achter?

In Trouw verscheen afgelopen week een cynisch stuk over Serious Request. Cultuurhistorici analyseerden de happening als was het een ziekte. We zouden geven om ons geweten te sussen, vanwege de sociale druk, of uit betweterij. Of wellicht gewoon omdat we er een feestje voor terugkrijgen.

Waarom zoeken we als het gaat om altruïsme eigenlijk altijd naar dubbele motieven? En waarom klinkt dat zo verwijtend?

Een vriendin van mij werkt voor een internationale ontwikkelingsorganisatie waarvan ik nog nooit gehoord had. Toen ik haar dat zei vertelde ze me dat deze organisaties vaak bewust in de anonimiteit blijven, om de schijn te vermijden er zelf beter van te worden.

Waarom die angst? Waarom schamen we ons voor een goede daad?

Misschien heeft het allemaal te maken met die oerchristelijke moraal waarin goeddoen vooral bestaat uit medelijden en in het verborgene moet plaatsvinden. Ontwikkelingshulp lijkt zo echter wel het slachtoffer te worden van het feit dat we ons al die jaren heiliger voordeden dan we waren. Want van onze ontwikkelingshulp werden we zelf wel degelijk ook beter. Een groot deel van de gelden wordt namelijk besteed bij Nederlandse bedrijven, waarmee we onze economische en diplomatieke positie in het buitenland verstevigen. Niet alleen belangrijk voor de ontwikkelingslanden maar van levensbelang voor een landje dat leeft van de internationale handel.

De filosoof Nietzsche probeerde ons te leren dat medelijden het sterke verzwakt, terwijl het de zwakkere kleineert en afhankelijk maakt. Zijn kruistocht tegen medelijden klinkt hard. Maar het resultaat van onze huidige moraal van medelijden blijkt te zijn dat we bij een beetje tegenspoed niet alleen snel opgeven, maar ook in ons eigen vlees gaan zitten te snijden, omdat we niet durven toegeven dat het ons eigen vlees is. Het resultaat is dat twee partijen verliezen.

Als hulp gerechtvaardigd wordt vanuit wederzijds belang is het wellicht meer crisisbestendig. Laat het goeddoen daarom vooral een feestje zijn. Een globaal nivelleringsfeestje. Voor elkaar.


Deel dit: